Inzichten

23 minuten leestijd
  • Kostprijs is geen verkoopprijs. Je kostprijs dekt alleen je kosten. Daarboven hoort een winstmarge van minimaal 10–15% om gezond te blijven en te kunnen investeren.
  • Een foutieve kostprijs berekenen kost je tienduizenden euro’s per jaar. Een installatiebedrijf dat rekende met €65 per uur terwijl de werkelijke kosten €88 bedroegen, liep €115.000 marge mis op 5.000 productieve uren.
  • De grootste fout is indirecte kosten vergeten. Ondernemers rekenen met materiaal en arbeid, maar vergeten overhead, afschrijvingen, werkgeverslasten en niet-productieve uren.

Wanneer heb je voor het laatst je kostprijs doorgerekend? Als het antwoord ā€œtien jaar geledenā€ of ā€œnooit bewust gedaanā€ is, ben je niet alleen. Maar het kost je waarschijnlijk tienduizenden euro’s per jaar aan gemiste winst.

Ik zie het regelmatig: een technisch bedrijf draait €2,5 miljoen omzet maar maakt structureel €75.000 verlies. Een grondverzetbedrijf rekent met een kostprijs die tien jaar lang niet is aangepast, terwijl de loonkosten ondertussen 35% zijn gestegen. Een interieurbouwer ontdekt dat zijn montage-marge slechts 12% is terwijl hij dacht op 25% te zitten.

Het probleem? Ze werkten allemaal met een kostprijs die niet klopt. Daardoor hanteerden ze een tarief dat hun kosten niet dekte.

In deze gids leer je stap voor stap hoe je een realistische kostprijs berekent. Zodat je eindelijk weet wat je producten en diensten echt kosten. Met concrete rekenvoorbeelden en praktijkcases uit het MKB.

Waarom je kostprijs berekenen zo belangrijk is

Volgens CBS-cijfers bedroegen de loonkosten in 2024 gemiddeld €45,00 per gewerkt uur (inclusief werkgeverslasten) — een stijging van 6% ten opzichte van 2023. In het derde kwartaal van 2025 stegen de loonkosten nóg eens met 5%, waarmee het gemiddelde naar schatting rond de €47 per uur uitkomt. Reken je nog met €35 per uur omdat dat ā€œaltijd zo wasā€? Dan loop je inmiddels €12 per uur mis. Bij 1.500 productieve uren is dat €18.000 per jaar aan gemiste marge.

En die stijging is geen uitzondering. In de periode 2014–2024 zijn de loonkosten per gewerkt uur met ruim 35% gestegen (CBS). In sommige sectoren zoals openbaar bestuur, ICT en zorg zelfs met meer dan 40%. De realiteit is: alles wordt duurder. Lonen, energie, verzekeringen, grondstoffen. Maar veel ondernemers passen hun kostprijs niet aan. Ze werken nog met het tarief van drie, vijf of tien jaar geleden.

Dat het gevolgen heeft, bewijzen de cijfers. In 2024 gingen 3.494 MKB-bedrijven failliet, een stijging van 32% ten opzichte van 2023. Het hoogste aantal sinds 2016. De handel en zakelijke dienstverlening werden het hardst geraakt. Niet al deze faillissementen zijn te wijten aan een verkeerde kostprijs, maar te goedkoop werken is ƩƩn van de meest voorkomende oorzaken van structureel verlies.

Veel ondernemers denken dat ze wel ongeveer weten wat hun producten of diensten kosten. ā€œMateriaal kost €100, ik reken 2 uur Ć  €50, dus €200 totaal.ā€ Maar ze vergeten overhead, verzekeringen, niet-productieve tijd, afschrijvingen en werkgeverslasten. En ze vergeten hun winstmarge.

Het gevolg: je denkt dat je winst maakt, maar werkt eigenlijk voor een tarief onder je kostprijs. Maand na maand. Project na project. Tot je accountant aan het einde van het jaar meldt dat er weer verlies is gedraaid. En jij geen idee hebt hoe dit eigenlijk kan.

Een correcte kostprijs is geen luxe maar noodzaak. Zonder te weten wat het echt kost om jouw waarde aan je klanten te leveren, weet je nooit welke prijzen je moet vragen om winstgevend te kunnen zijn.

Wat is de kostprijs precies?

De kostprijs is het totaalbedrag dat nodig is om ƩƩn product te produceren of ƩƩn dienst te leveren. Het is de optelsom van alle kosten die nodig zijn om jouw product of dienst bij de klant te krijgen.

De kostprijs bestaat uit twee hoofdcategorieƫn:

Directe kosten (variabele kosten)

Dit zijn kosten die direct gekoppeld zijn aan het product of de dienst zoals:

  • Materiaalkosten (grondstoffen, onderdelen, verbruiksartikelen)
  • Inkoopkosten producten
  • Productie-uren (arbeidsuren direct besteed aan het product)
  • Uitbesteed werk (onderaannemers)
  • Verzendkosten
Vaste kosten

Indirecte kosten (vaste kosten)

Dit zijn kosten die je bedrijf maakt, ongeacht hoeveel je produceert of levert:

  • Loonkosten personeel (inclusief werkgeverslasten)
  • Huisvesting (huur, hypotheek, onderhoud)
  • Energie en nutsvoorzieningen
  • Afschrijvingen (machines, gereedschap, auto’s)
  • Verzekeringen
  • Administratie en boekhouding
  • Marketing en acquisitie
  • ICT en software

De grootste fout? Ondernemers vergeten vaak de indirecte kosten mee te nemen in de kostprijs. ā€œIk reken €40 per uur voor mijn tijdā€ zeggen ze. Maar naast hun eigen uren zijn er ook kantoorkosten, verzekeringen en niet-declarabele uren. Je rekent dan met een uurtarief dat je directe kosten dekt, maar je indirecte kosten vreten je marge op zonder dat je het ziet.

Variabele kosten

De kostprijs berekenen in 6 stappen

Hier is de methode die werkt voor MKB-ondernemers. Simpel, praktisch en direct toepasbaar.

Stap 1: bereken je totale vaste kosten per jaar

Tel alle vaste kosten bij elkaar op die je jaarlijks maakt. Pak je jaarrekening erbij en kijk naar:

  • Totale personeelskosten (bruto loon + werkgeverslasten)
  • Huisvestingskosten
  • Autokosten
  • Afschrijvingen
  • Verzekeringen
  • Overige bedrijfskosten

Voorbeeld: een klein installatiebedrijf met 4 medewerkers heeft €420.000 aan totale vaste kosten per jaar.

Let op: vergeet de financiĆ«le lasten niet. Rente op leningen, leasekosten, bankkosten. Dit zijn ook kosten die je maakt om je bedrijf te runnen. Een aannemersbedrijf met een bedrijfslening van €150.000 tegen 5% en een gemiddeld rekening-courant van €40.000 tegen 8% is al gauw €12.500 per jaar kwijt aan financiĆ«le lasten. Bij 5.000 productieve uren betekent dit €2,50 per uur extra.

Stap 2: bepaal je productieve capaciteit

Hoeveel uren kun je per jaar declareren of productief inzetten? Hier gaat het vaak mis.

Basisberekening:

  • 52 weken per jaar
  • Minus 4 weken vakantie
  • Minus 1 week ziekte (gemiddeld)
  • Minus 1,5 week feestdagen en ADV
  • = 45,5 werkweken Ɨ 40 uur = 1.820 beschikbare uren

Maar let op: dit zijn de beschikbare uren, geen productieve uren. Trek hier nog vanaf:

  • Overleg en vergaderingen (10–15%)
  • Administratie (5–10%)
  • Acquisitie en offertes (5–10%)
  • Onderhoud en scholing (5%)

Realistisch productief: 1.820 uur Ɨ 70% = 1.274 productieve uren per persoon per jaar.

Branchegemiddelden productieve uren:

  • Bouw en installatie: 1.200–1.400 uur
  • Zakelijke dienstverlening: 1.100–1.300 uur
  • ICT en consultancy: 1.000–1.200 uur

Voorbeeld: ons installatiebedrijf heeft 4 monteurs Ɨ 1.300 productieve uren = 5.200 productieve uren per jaar.

Tip: gebruik normuren op basis van realisatie

Vaak zie ik in de praktijk dat de maximale productieve capaciteit niet wordt gehaald. Reken dan met haalbare normuren op basis van eerdere jaren.

Praktijkvoorbeeld: je hebt 10 werknemers. Vorig jaar maakten zij samen 13.890 productieve uren. Reken bij een vergelijkbaar jaar met dit aantal: 13.890 Ć· 10 = 1.389 uur per persoon.

Waarom is dit cruciaal? Als je kostprijs baseert op 1.500 uur maar je haalt er slechts 1.400, dan spreid je de algemene kosten over minder uren. Je kostprijs per uur stijgt dan met 7% en dat hakt erin als je dat pas achteraf ontdekt. Vaak zie je in dit soort gevallen dat de omzet minder is, de bruto marge die je hebt opgebouwd ook en de dekking van de algemene kosten ook nog eens lager is. Zo daalt je winstgevendheid heel erg snel.

Overigens is het aan te raden om ook te kijken naar het soort uren. In veel bedrijven zie ik dat bepaalde werksoorten een hogere gemiddelde productiviteit halen dan andere werksoorten. Dan is het aan te raden om de kostprijs per werksoort goed te berekenen, ook omdat je waarschijnlijk ook verschillende commerciƫle tarieven hanteert naar jouw klanten.

Monitor je normuren continu

Het is essentieel om in je managementrapportage te monitoren of je het geplande aantal productieve uren daadwerkelijk haalt. Check maandelijks:

  • Hoeveel productieve uren zijn er gemaakt?
  • Loop je op schema (year-to-date)?
  • Is er een structurele afwijking zichtbaar?

Zie je na zes maanden dat je team slechts 50% van de geplande uren haalt? Grijp dan direct in. Herbereken je kostprijs, pas je tarieven aan of probeer de bezettingsgraad structureel te verhogen. Ontdek je dit pas aan het einde van het jaar, dan heb je mogelijk al maanden met verlies gedraaid.

Stap 3: bereken je directe uurkosten

Formule: totale kosten Ć· productieve uren = kostprijs per uur

Voorbeeld: €420.000 Ć· 5.200 uur = €80,77 per uur

Dit is je minimale uurtarief om de vaste kosten van de medewerkers die het werk uitvoeren te dekken. Hier maak je nog geen winst en houdt je nog geen rekening met risico’s of uitloop van uren. Met dit geval ben je alleen nog maar kostendekkend.

Hier zit vaak de grootste schok. Ondernemers denken dat ze voor €60 per uur kunnen werken. Maar als ze hun kostprijs doorrekenen, blijkt het €80 te zijn.

Stap 4: tel de directe kosten op

Voor elk project of product tel je de overige directe kosten bij de uurkosten op.

Voorbeeld project:

  • 40 uur arbeid Ɨ €80,77 = €3.231
  • Materiaalkosten: €2.500
  • Uitbesteed werk: €800
  • Totale kostprijs project: €6.531

Vergeet bijkomende kosten niet. Naast de standaard uurkosten kunnen er specifieke kosten zijn:

  • Brandstofkosten machines: graafmachine verbruikt 15 liter diesel per uur Ć  €1,60 = €24 per uur extra
  • Slijtage gereedschap: tegelzetter gebruikt gemiddeld €8 aan lijm, voegen en snijbladen per m²
  • Afvalverwerking: sloopproject genereert 12 ton puin Ć  €85 per ton = €1.020
  • Speciale apparatuur: hoogwerker €450 per dag, 3 dagen nodig = €1.350
  • Reiskosten: een project op 150 km afstand: 300 km Ɨ €0,50 = €150 + 3 uur reistijd Ɨ €75 = €225. Totaal €375

Maak per type opdracht een checklist van mogelijke bijkomende kosten. Zo vergeet je niets en reken je alles door.

Stap 5: voeg je winstmarge toe

Nu heb je de kostprijs. Maar je wilt ook winst maken. Tel je gewenste winstmarge erbij op.

Dat klinkt logisch, maar hier gaat het verrassend vaak mis. Veel ondernemers zien hun kostprijs als eindpunt: ā€œMijn kostprijs is €80 per uur, dus dat reken ik.ā€ Maar daarmee werk je precies op break-even. Geen buffer voor tegenvallers, geen ruimte om te investeren, geen beloning voor je ondernemersrisico. Je draait omzet, maar bouwt niets op.

En winst maken is noodzaak. Je hebt marge nodig om tegenvallers op te vangen (een klant die niet betaalt, een machine die kapotgaat), om te investeren in groei (nieuw personeel, betere apparatuur, marketing) en om je eigen vermogen op te bouwen zodat je minder afhankelijk bent van de bank.

Hoe bereken je je winstmarge?

Er zijn twee manieren om winstmarge te berekenen:.

Opslag op kostprijs (mark-up): je telt een percentage bovenop je kostprijs. Een kostprijs van €100 met 20% mark-up wordt €120 verkoopprijs. Dit is de methode die de meeste MKB-ondernemers gebruiken en de methode die we in deze gids hanteren.

Marge op verkoopprijs: je berekent het percentage op basis van de verkoopprijs. Bij een verkoopprijs van €120 en €100 kosten is je marge 16,7% (€20 Ć· €120). Dit is de methode die accountants en financieel analisten vaak gebruiken.

Het verschil lijkt klein, maar bij grote bedragen telt het op. Spreek je met je accountant over marge? Zorg dat je dezelfde definitie hanteert anders denk jij dat je 20% maakt terwijl je accountant 16,7% ziet.

Algemene-kosten-berekenen

Stap 6: toets aan de markt

Je hebt nu een verkoopprijs die je nodig hebt om jouw kosten te dekken en winst te maken. Maar klopt deze met de markt?

  • Ligt je prijs ver boven de markt? Kijk dan naar je kostenstructuur.
  • Ligt je prijs ver onder de markt? Dan laat je geld liggen.
  • Klopt je prijs met concurrenten? Mooi — je kostprijs is realistisch.

Let op: als je prijs structureel lager moet zijn dan je kostprijs om werk binnen te halen, heb je een problematisch bedrijfsmodel. De markt is dan te competitief of je kostenbasis te hoog. Dat los je niet op door goedkoper te werken dat leidt rechtstreeks naar je faillissement. Je zult het dan fundamenteel anders moeten gaan doen.

Prijs is niet alleen kosten, het is ook waarde

Je kostprijs is je ondergrens. Maar je verkoopprijs hoeft daar niet dicht tegenaan te zitten. Het gaat namelijk ook om de waarde die je voor jouw klanten levert. Het kan dus zomaar zo zijn dat je duurder bent dan je concurrent en dat dat volkomen logisch en te rechtvaardigen is.

Een installateur die altijd bereikbaar is, netjes werkt en zijn oplevering haalt, levert meer waarde dan de goedkoopste optie die drie keer moet terugkomen. Een adviseur met twintig jaar branche-ervaring bespaart zijn klant maanden aan trial-and-error. Een aannemer die proactief meedenkt, voorkomt fouten van duizenden euro’s.

Als jouw klanten sneller geholpen worden, minder risico lopen of een beter eindresultaat krijgen, is een hogere prijs geen probleem. De kunst is om die waarde ook zichtbaar te maken. Niet door te zeggen dat je ā€œkwaliteitā€ levert (dat zegt iedereen), maar door concreet te laten zien wat het de klant oplevert: snellere oplevering, minder faalkosten, langere levensduur, minder onzekerheid, minder gedoe.

Durf je verkoopprijs te verhogen

Veel ondernemers berekenen keurig hun kostprijs, ontdekken dat ze te goedkoop werken, en doen vervolgens… niets. Ze zijn bang om klanten te verliezen. Bang dat de concurrent goedkoper is. Bang voor dat ene lastige telefoontje.

Maar niet verhogen kost je geld en zet je winst onder druk. Elk jaar dat je niet verhoogt, vreet inflatie aan je marge. Na vijf jaar zonder verhoging werk je in reƫle termen al ruim 12% goedkoper. Na tien jaar meer dan 20%. Je levert hetzelfde werk, maar krijgt er steeds minder voor terug.

Het goede nieuws: een prijsverhoging van 3 tot 5% valt de meeste klanten niet eens op. Onderzoek naar prijsperceptie laat zien dat mensen pas reageren op prijsverschillen boven de 8 Ć  10%. Alles daaronder registreert het brein simpelweg niet als ā€œandersā€ zolang je klanten waarde ervaren in wat je levert. Een uurtarief van €95 dat €98 wordt? Je klant onthoudt ā€œiets onder de honderd euro.ā€ Dat gevoel verandert niet.

En mocht je toch een klant verliezen door een bescheiden verhoging? Dan kocht die klant op prijs, niet op waarde. En prijskopers zijn bijna altijd je minst rendabele klanten: ze vragen veel, betalen weinig en stappen bij het eerste betere aanbod toch over.

Goede klanten begrijpen dat kosten stijgen. Ze verwachten zelfs dat je meegaat met de tijd. Wat ze niƩt verwachten, is dat je na vijf jaar stilstand ineens 20% meer vraagt. Kleine, jaarlijkse stappen voorkomen dat je ooit die pijnlijke inhaalslag moet maken.

Wil je weten hoe je een prijsverhoging succesvol doorvoert? Lees dan ons artikel daarover.

Kostprijs vertalen naar je verkoopeenheid

Met bovenstaande berekening heb je je kostprijs per uur. Maar niet elk bedrijf verkoopt direct uren. Dan moet je nog een stap verder rekenen.

Praktijkvoorbeeld 1: productiebedrijf

Je maakt houten meubels. Je kostprijs is €75 per uur. Een tafel kost 8 uur productietijd.

  • Arbeidskosten tafel: 8 uur Ɨ €75 = €600
  • Materiaalkosten: €200
  • Totale kostprijs tafel: €800
  • Verkoopprijs (+ 25% marge): €1.000

Praktijkvoorbeeld 2: adviesbureau

Je verkoopt adviesrapportages, niet per uur maar per rapport. Een rapport kost gemiddeld 12 uur.

  • Kostprijs per uur: €95
  • 12 uur Ɨ €95 = €1.140 kostprijs
  • Verkoopprijs rapport (+ 30% marge): €1.482

Praktijkvoorbeeld 3: detacheringsbureau

Je detacheert personeel. Je kostprijs is €68 per uur, maar je rekent de klant €85.

  • Marge: €85 āˆ’ €68 = €17 per uur (20%)
  • Bij 1.500 gedetacheerde uren per maand: €25.500 brutomarge

De boodschap: ken je kostprijs per uur en vertaal die naar je verkoopeenheid of dat nu een product, project, rapport of andere dienst is.

Compleet kostprijs rekenvoorbeeld: ZZP’er vs. klein bedrijf

Laten we het concreet maken met twee volledige voorbeelden.

Voorbeeld 1: ZZP’er grafisch ontwerper

Situatie: zelfstandig grafisch ontwerper, thuiswerkend, 1 persoon.

Stap 1 — Vaste kosten per jaar:

  • Gewenst inkomen: €40.000 (bruto)
  • Software (Adobe CC): €700
  • Beroepsaansprakelijkheid: €450
  • Arbeidsongeschiktheid (AOV): €3.000
  • Pensioenopbouw: €3.000
  • Marketing & acquisitie: €2.000
  • Boekhouding: €1.200
  • Kantoorbenodigdheden: €500
  • Telefoon/internet: €600
  • Totaal: €51.450

Stap 2 — Productieve uren:

  • 1.820 beschikbare uren
  • Minus 30% niet-facturabel (acquisitie, admin, ziekte)
  • = 1.274 facturabele uren

Stap 3 — Minimaal uurtarief:

€51.450 Ć· 1.274 uur = €40,38 per uur

Stap 4 — Directe kosten: meestal geen (alleen tijd).

Stap 5 — Winstmarge:

  • €40,38 + 25% buffer en risico = €50,48
  • + 15% winst = €58,05

Aanbevolen uurtarief: €60–65 per uur

Voorbeeld 2: klein installatiebedrijf

Situatie: 1 eigenaar + 3 monteurs, eigen werkplaats.

Stap 1 — Vaste kosten per jaar:

  • Loonkosten 3 monteurs (€45K Ɨ 3): €135.000
  • Werkgeverslasten (35%): €47.250
  • Salaris eigenaar: €60.000
  • Huur werkplaats: €24.000
  • Bedrijfsauto’s (3Ɨ lease): €21.000
  • Brandstof: €12.000
  • Gereedschap & machines (afschrijving): €8.000
  • Verzekeringen: €6.500
  • Energie: €4.800
  • Marketing: €5.000
  • Administratie & ICT: €8.500
  • Overige bedrijfskosten: €12.000
  • Totaal: €344.050

Stap 2 — Productieve uren:

3 monteurs Ɨ 1.300 productieve uren = 3.900 uur

Stap 3 — Kostprijs per uur:

€344.050 Ć· 3.900 uur = €88,22 per uur

Stap 4 — Voorbeeld project CV-installatie:

  • 30 uur arbeid Ɨ €88,22 = €2.647
  • CV-ketel en materialen: €3.500
  • Totale kostprijs: €6.147

Stap 5 — Verkoopprijs:

€6.147 + 12% winstmarge = €6.885

Aanbevolen verkoopprijs: €6.900

Winst-Expert-Mitch-2

Ik denk graag met je mee!

Wil je graag kennismaken en samen kijken naar jouw situatie, winstkansen of keuzes binnen je bedrijf? Plan via onderstaande knop een gratis en vrijblijvend intake- en adviesgesprek op het moment dat voor jou schikt.
Vrijblijvend adviesgesprek

9 veelgemaakte fouten bij kostprijs berekenen (en hoe je ze voorkomt)

Fout 1: indirecte kosten vergeten

De klassieke fout: alleen rekening houden met directe kosten. ā€œMateriaal kost €100, ik reken 2 uur Ć  €50, dus €200 totaal.ā€ Maar overhead, verzekeringen en niet-productieve tijd ontbreken. Ook de algemene kosten zijn een zeer belangrijk onderdeel van jouw kostprijs.

Oplossing: gebruik altijd de integrale kostprijsberekening waarbij je alle bedrijfskosten meeneemt.

Fout 2: te optimistisch over productieve uren

Je denkt: 40 uur per week Ɨ 52 weken = 2.080 uur per jaar. Maar je vergeet vakantie, ziekte, scholing, administratie en acquisitie.

Realistisch: 1.200–1.400 productieve uren per jaar voor uitvoerend personeel.

Fout 3: werkgeverslasten onderschatten

Een medewerker met €3.000 bruto loon kost je niet €36.000 per jaar, maar €45.000–€50.000. Werkgeverslasten omvatten:

  • Vakantiegeld: 8%
  • Pensioenpremie: 5–15%
  • ZVW werkgeversbijdrage: 6,68%
  • WGA: 0,5–7%
  • WW: gemiddeld 2,7%
  • Totaal: 30–40% bovenop brutoloon

Houdt ook rekening met eventueel overwerk tegen duurdere uurlonen als je jouw kostprijs gaat berekenen.

Fout 4: kostprijs niet indexeren

Je kostprijs van 2021 werkt niet meer in 2026. De loonkosten zijn in die periode alleen al met tientallen procenten gestegen.

Oplossing: herbereken je kostprijs minimaal ƩƩn keer per jaar. En nog beter: bereken je kostprijs ieder kwartaal.

Fout 5: geen winstmarge inprijzen

Je berekent keurig je kostprijs en denkt: ā€œDit is mijn tarief.ā€ Maar kostprijs is wat het je kost, daarboven ga je pas winst maken. Het MKB-gemiddelde is slechts 7,6% (SRA, 2024). Streef naar minimaal 10–15% om gezond te blijven.

Fout 6: geen rekening houden met onderbezetting

Je berekent je kostprijs op basis van 100% bezetting. Maar realistisch is 70–85%. Bij lagere bezetting moeten je vaste kosten over minder uren worden gespreid.

Oplossing: bereken je kostprijs op 80% bezetting als veiligheidsmarge.

maandrapportage-projectorganisatie

Fout 7: afschrijvingen vergeten

Machines, gereedschap en auto’s verliezen waarde. Die afschrijving hoort in je kostprijs, anders heb je over vijf jaar geen geld om te vervangen.

Maar de fout die ik nóg vaker zie, is wat er gebeurt nĆ”dat een machine is afgeschreven. De boekwaarde staat op nul, dus ondernemers halen de afschrijving uit hun kostprijs. ā€œDie machine is afbetaald, dus die kost me niets meer.ā€ Het voelt logisch maar het is een gevaarlijke denkfout.

Want die machine gaat een keer kapot. Of hij voldoet niet meer. Of de technologie is verouderd en je verliest opdrachten omdat je niet meer kunt leveren wat de markt vraagt. En op dat moment heb je een probleem: je hebt geen geld opzij gezet om hem te vervangen en niet voldoende winst opgebouwd, omdat je de afschrijving al jaren niet meer doorberekende.

Een concreet voorbeeld: je hebt een CNC-freesmachine van €80.000 in vijf jaar afgeschreven. Vanaf jaar zes verlaag je je uurtarief met €8 omdat de afschrijving ā€œerafā€ is. De machine draait door tot jaar negen en begint dan problemen te geven. Vervanging kost inmiddels €95.000, want ook machines worden ieder jaar duurder. Maar je hebt drie jaar lang die €8 per uur niet opzij gezet. Bij 1.300 productieve uren is dat €31.200 die je mist. Geld dat je nu moet lenen of dat rechtstreeks van je spaarbuffer afgaat.

De oplossing: reken met de vervangingswaarde, niet met boekwaarde.

Zodra een machine is afgeschreven, vervang je de afschrijvingspost door een reservering voor vervanging. Je blijft hetzelfde bedrag (of meer, want de vervangingsprijs is waarschijnlijk hoger) in je kostprijs opnemen. Het verschil: het geld gaat niet meer naar de bank ter aflossing, maar naar je eigen vervangingsreserve.

Dit geldt niet alleen voor grote machines. Denk ook aan:

  • Bedrijfsbussen die na vijf jaar lease worden vervangen maar heb je straks budget voor de nieuwe lease met hogere tarieven?
  • Gereedschap dat slijt en regelmatig moet worden aangevuld
  • ICT-apparatuur en software die elke drie tot vijf jaar vernieuwd moet worden
  • Kantoorinrichting en bedrijfsinventaris

Vuistregel: als iets ooit vervangen moet worden, hoort er een kostencomponent voor in je kostprijs te zitten. Ongeacht of het boekhoudkundig is afgeschreven of niet. Afschrijving is een boekhoudterm. Vervanging is een bedrijfsrealiteit. En je kostprijs moet gebaseerd zijn op de realiteit.

Fout 8: eigen salaris niet meenemen

Als ZZP’er of eigenaar denk je: ā€œIk werk gratis, dus loonkosten zijn nul.ā€ Fout. Je tijd heeft waarde. Tel een marktconform salaris op bij je kosten. Anders werk je voor niets en denk je dat je winst maakt, terwijl je eigenlijk je eigen salaris niet uitbetaalt.

Fout 9: financiƫle lasten vergeten

Veel ondernemers vergeten de financiƫle lasten in hun kostprijs. Denk aan:

  • Rente op leningen en kredietfaciliteiten
  • Rente op rekening-courant
  • Leasekosten (zit vaak rente in verwerkt)
  • Bankkosten en transactiekosten
  • Kosten van financiering werkkapitaal

Vooral bedrijven die veel voorfinancieren (bouw, detachering) of met duur materieel werken hebben substantiƫle financiƫle lasten. Vergeet je deze, dan verdampt je marge ongemerkt.

Praktijkcase: van verlies naar winst door kostprijs herberekenen

De situatie

Een technisch bedrijf in Zeeland draaide €2,5 miljoen omzet met 15 medewerkers. Maar elk jaar eindigden ze met €75.000 verlies. De eigenaren wisten dat er iets niet klopte, maar konden niet precies zien waar het lek zat.

Het probleem

Bij analyse bleek:

  • De kostprijsberekening was zeven jaar niet aangepast
  • Ze rekenden met €65 per uur terwijl de werkelijke kosten €88 per uur waren
  • Grote projecten liepen structureel uit (meer uren dan begroot)
  • Geen nacalculatie, dus geen inzicht in afwijkingen

De oplossing

  1. Nieuwe kostprijsstructuur opgezet met realistische uurkosten
  2. Projecten voortaan calculeren met €88/uur + 12% winstmarge
  3. Structurele nacalculaties ingevoerd
  4. Verliesgevende deals niet meer accepteren

Het resultaat

Binnen twaalf maanden: van €75.000 verlies naar €100.000 winst. Projecten werden beter gestuurd op basis van realtime-inzicht. En misschien nog belangrijker: gemoedsrust en hernieuwd vertrouwen.

De eigenaren: ā€œWe twijfelden of we moesten stoppen met het bedrijf. Nu weten we: dit is het pad dat we gaan volgen.ā€

Dit is wat een correcte kostprijs doet. Het geeft je de controle terug. Je weet wat je kunt vragen, welke deals je kunt accepteren, waar je winst maakt en waar je verliest.

Checklist: klopt jouw kostprijs?

Loop deze checklist door om te zien of je kostprijs realistisch is:

  • Heb je je kostprijs in de afgelopen 12 maanden berekend?
  • Heb je alle indirecte kosten meegenomen (overhead, afschrijvingen, verzekeringen)?
  • Reken je met realistische productieve uren?
  • Heb je werkgeverslasten correct berekend?
  • Zit er een winstmarge in je verkoopprijs?
  • Heb je als eigenaar een marktconform salaris voor jezelf ingeprijsd?
  • Doe je nacalculaties om te controleren of je kostprijs klopt?
  • Weet je per product, dienst of klant of je winstgevend bent?

Beantwoord je drie of meer vragen met ā€œneeā€? Dan loop je waarschijnlijk geld mis. Tijd om je kostprijs onder de loep te nemen.

Winst-Expert-Mitch-2

Ik denk graag met je mee!

Wil je graag kennismaken en samen kijken naar jouw situatie, winstkansen of keuzes binnen je bedrijf? Plan via onderstaande knop een gratis en vrijblijvend intake- en adviesgesprek op het moment dat voor jou schikt.
Vrijblijvend adviesgesprek

Kostprijs is de basis van je winst

Een correcte kostprijs is geen luxe het is een noodzaak. Zonder te weten wat dingen je kosten ben je op winstgevendheid aan het gokken.

De drie belangrijkste lessen:

  • Bereken integraal: neem alle kosten mee, ook overhead, afschrijvingen, niet-productieve tijd, werkgeverslasten en financiĆ«le lasten.
  • Wees realistisch: productieve uren zijn lager dan je denkt (1.200–1.400 per jaar maximaal).
  • Update regelmatig: bereken minimaal jaarlijks, beter elk kwartaal.

Te veel ondernemers werken keihard, draaien flinke omzetten en ontdekken aan het einde van het jaar dat er amper iets overblijft. Niet omdat ze slecht werk leveren. Niet omdat ze geen klanten hebben. Maar omdat ze niet weten wat hun werk Ʃcht kost.

Start vandaag. Pak je jaarrekening erbij. Bereken je vaste kosten. Bepaal je realistische productieve uren. Reken je kostprijs uit. En kijk dan eerlijk naar je tarieven.

De kans is groot dat je schrikt. Maar beter nu schrikken en bijsturen, dan over een jaar ontdekken dat je weer verlies hebt gedraaid. Wil je jouw winst verhogen? Lees dan ook deze blog.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet ik mijn kostprijs berekenen?

Minimaal ƩƩn keer per jaar, liefst elk kwartaal. Vooral als lonen stijgen (cao-verhogingen), materiaalkosten veranderen, je bedrijfskosten wijzigen of je uitbreidt of krimpt.

Loonkosten, energiekosten en verzekeringen stijgen voortdurend. Als je je kostprijs niet mee-indexeert, werk je elk jaar een beetje goedkoper zonder het door te hebben.

Wat als mijn kostprijs hoger is dan marktprijzen?

Dan heb je drie opties:

1. Kosten verlagen. Efficiƫnter werken, slimmere inkoop, betere planning. Kijk kritisch naar je overhead. Heb je dat grote kantoor echt nodig? Die dure auto? Die vijf software-abonnementen die hetzelfde doen? Ook de output vergroten valt hieronder, dan ga je jouw vaste algemene kosten namelijk over een groter getal verdelen.

2. Toegevoegde waarde vergroten. Specialiseer, verhoog je kwaliteit, verbeter je service. Als je beter bent dan de concurrentie, kun je een hogere prijs vragen. Klanten betalen voor kwaliteit, zekerheid en snelheid.

3. Andere markt zoeken. Richt je op klanten die kwaliteit waarderen boven prijs. Er zijn genoeg klanten die willen betalen voor expertise, betrouwbaarheid en vakmanschap.

Wat je niet moet doen: structureel onder de kostprijs werken in de hoop dat volume het compenseert. Je kunt het verlies in heel veel gevallen niet goedmaken met de omzet.

Moet ik verschillende kostprijzen hanteren per klant?

Nee, de kostprijs blijft hetzelfde. Dat is wat het je kost. Maar je verkoopprijs kan variƫren op basis van:

  • Complexiteit van het werk (moeilijker = hogere marge)
  • Risico’s in het project (meer risico = hogere marge)
  • Vraag en aanbod (drukke periode = hogere prijs)
  • Strategische waarde (showcase-project = lagere marge)
  • Klantrelatie (trouwe klant = iets soepeler)

Maar ga nooit structureel onder je kostprijs zitten. Ook niet voor ā€œstrategischeā€ klanten die in de toekomst naar verwachting heel veel volume gaan afnemen. Vaak valt dat in de praktijk namelijk sterk tegen.

Wat is het verschil tussen kostprijs en break-evenpunt?

Je kostprijs is wat het kost om ƩƩn product of dienst te leveren. Je break-evenpunt is het moment waarop je totale omzet gelijk is aan je totale kosten: geen winst, maar ook geen verlies.

Hoe voorkom ik dat mijn kostprijs te hoog wordt voor de markt?

Door scherp te blijven op je kostenstructuur. Veel bedrijven laten hun kosten langzaam oplopen, zeker als de omzet groeit. Een extra medewerker hier, een duurdere auto daar, een groter kantoor… en voor je het weet zijn je kosten 30% gestegen zonder dat je omzet evenredig is gegroeid.

Wat als blijft dat je al jaren onder kostprijs werk?

Niet in paniek raken. Je bent niet de enige.

Stap 1: bereken je correcte kostprijs en kijk eerlijk naar het verschil.
Stap 2: pas je tarieven aan voor nieuwe klanten. Vanaf nu reken je met de juiste kostprijs + winstmarge.
Stap 3: voor bestaande klanten heb je twee opties:

  • Geleidelijke verhoging over 12–24 maanden (bijvoorbeeld 10% per jaar)
  • Direct gesprek: ā€œWe hebben onze kostprijs doorgerekend en ontdekt dat we te goedkoop werken. Vanaf [datum] hanteren we nieuwe tarieven.ā€

Ja, sommige klanten zullen weglopen. Maar dat zijn waarschijnlijk de klanten die toch al verliesgevend waren. De klanten die je Ʃcht waarderen, blijven ook klant. En door het vertrek van klanten heb je ruimte voor nieuwe, winstgevende klanten.

Over de auteur

Mitch van Bovene
Mitch van Bovene is winststrateeg en bedrijfskundige (MSc, cum laude, Erasmus Universiteit Rotterdam). Hij helpt uitvoerende MKB bedrijven, waar mensuren en machines het resultaat bepalen, om hun winst te verhogen door scherper te sturen op kostprijs, projecten en strategische keuzes. In de afgelopen 15 jaar begeleidde hij meer dan 250 ondernemers naar meer grip, structuur en financiƫle rust, met gemiddeld circa 30% winstverbetering als resultaat.
Mitch van Bovene's avatar